20 november 2016

neighbours

inge d. en ik, wij hebben een stamcafé. nu ja, we zijn niet zozeer van het drinkende type, dan wel van het etende type en ons stamcafé is dus eigenlijk een stamrestaurant. we eten er onze betere burger en praten er steevast over dezelfde soort dingen; over de krachttoeren van haar kleine kinderen, over de nieuwe van herman brusselmans of joost vandecasteele, en over onze ideeën, plannen en grote vraagtekens voor de toekomst.

tijdens één van die etentjes, terwijl we ons bordje schoonvegen met een laatste friet, vertelt inge d. ook over haar foto's, de tentoonstelling voor het fotografiecircuit en haar eerste beursstand. want inge d. is fotografe en de drijvende kracht achter projectBETA. nadat ze even drie kinderen op de wereld zette, ging ze vorig jaar terug vollenbak aan de slag. niet alleen met haar camera, maar ook met de ontelbare ideeën die zich de afgelopen jaren tussen de pampers en papflessen hadden opgestapeld.

inge d. vertelt over neighbours, over hoe ze acht jaar geleden naar syrië reisde en in een willekeurige straat in damascus een reeks voordeuren fotografeerde. de gevels in de straat waren heel gesloten geweest en ze had zich afgevraagd wat er zich achter die deuren afspeelde. vandaag prijkt de neighbours-reeks op haar website, maar is het verhaal nog niet af.

het verhaal àchter de voordeuren heeft inge d. nooit losgelaten. integendeel. nog meer dan toen, wil ze nu achterhalen wie er acht jaar geleden in die ene straat woonde en wiens leven er zich achter die voordeuren afspeelde. ze wil weten of de mensen die er toen woonden dat nu nog altijd doen, en in welke omstandigheden. of ze nog altijd buren zijn, of allang niet meer.

het belooft een moeilijke zoektocht te worden met niet meer dan een bijzonder onvolledige google streetview van de stad, enkele arabische pamfletten op de gevels en het beeld van een man op één van de foto's als aanknopingspunten. maar inge d. is vastberaden om de neighbours van toen op te sporen, hen voor de lens te brengen en hun verhaal opnieuw in beeld te brengen.

terwijl inge d. zit te vertellen in ons stamrestaurant, begrijp ik meteen de noodzakelijkheid van het project. los van de mooie beelden die ze zal kunnen maken, is de context van het project brandend actueel en van essentieel maatschappelijk belang. het eindproduct zal op één of andere manier een fotografisch kunstwerk worden, maar de reis ernaartoe een moeilijke journalistieke zoektocht. een tocht die we na die ene avond in ons stamrestaurant samen zullen verderzetten. want ik wil absoluut dat inge d. de foto's kan maken die ze wil en moét maken. daarom engageer ik me om samen met haar aan deze schijnbaar onmogelijke opdracht te beginnen. vol goeie moed, ambitie en naïviteit.

inge d. en ik, wij zijn buren.

neighbours © inge d.

5 maart 2016

er was eens een projectontwikkelaar...

° gebaseerd op waar gebeurde feiten °

er was eens een projectontwikkelaar die oog had voor de potenties van antwerpen-noord als levendige stadswijk met een beloftevolle toekomst. hij maakte plannen voor een nieuwbouwproject op een centrale locatie met op het eerste gezicht tal van fijne en open appartementen en studio's.

er was eens een projectontwikkelaar die het geniale idee had om de verkoop van zijn project aan te zwengelen door een gratis auto aan te bieden bij de aankoop van een appartement. hij belooft een hippe fiat 500 aan de klanten die tijdens het koopweekend hun handtekening onder de verkoopsovereenkomst zetten. hij promoot het wagentje als een 'verbruiksvriendelijke stadswagen' en voegt eraan toe dat we 'samen voor een schonere lucht in antwerpen' gaan.

er was eens een projectontwikkelaar die scheen te vergeten dat antwerpen-noord de meest dense wijk in de stad is met een dito parkeerdruk. is een gratis wagen aanbieden bij de aankoop van een appartement in deze wijk dan geen misplaatst signaal? of is de zuiver financiële belangstelling van zo'n projectontwikkelaar voor de wijk legitiem en heeft hij helemaal geen maatschappelijke verantwoordelijkheden, ook al eist hij een deel van de wijk op?

er was eens een projectontwikkelaar die zich niet bewust leek te zijn van het verkeersinfarct dat antwerpen vandaag treft. de politiek, talloze belangengroepen en de media hebben er de mond van vol en zijn - weliswaar vanuit verschillende perspectieven - allemaal druk doende om de mobiliteitsknoop te ontwarren. méér auto's in de stad maken daar zonder twijfel géén deel van uit. het argument dat een deel van de nieuwe eigenaars van zo'n appartement-inclusief-auto de wagen allicht van de hand zullen doen is maatschappelijk irrelevant. de verkoopsstunt suggereert dat wonen in de stad en autorijden in de stad perfect samen gaan, maar niets is dus minder waar.

er was eens een projectontwikkelaar die enkele belangrijke nuances niet aanvoelde. een minder vervuilende wagen is nog steeds een vervuilende wagen. de schadelijke uitstoot van het verkeer in de stad moet tot een absoluut minimum beperkt worden door mensen die er wonen en/of werken alternatieven voor de auto aan te bieden. alleen op die manier kan de luchtverontreiniging en geluidsoverlast teruggedrongen worden tot een leefbare standaard. tenslotte volstaat het niet om een wagen het label stadswagen te geven om het gebruik ervan te rechtvaardigen. ondanks zijn beperkte afmetingen veroorzaakt hij evengoed files, parkeerproblemen en dus overlast voor de inwoners van de stad. leefden zij nog lang en gelukkig?

voor de lezers die ondanks bovenstaand betoog toch nog op zoek zijn naar een hip en verbruiksvriendelijk stadswagentje, neem gerust een kijkje op de website van het nieuwbouwproject.


4 maart 2016

and the oscar goes to ...


"climate change is real, it is happening right now."

"making 'the revenant' was about man's relationship to the natural world. a world that we collectively felt in 2015 as the hottest year in recorded history (...) climate change is real, it is happing right now. it is the most urgent threat facing our entire species, and we need to work collectively together and stop procrastinating. we need to support leaders around the world who do not speak for the big pollutors or the big corporations, but who speak for all of humanity, for the indigenous people of the world, for the billions and billions of underprivileged people who would be most affected by this. for our children's children, and for those people out there whose voices have been drowned out by the politics of greed (...) let us not take this planet for granted, i do not take tonight for granted. thank you so very much."

-- acceptance speech, leonardo dicaprio, 2016 academy awards


leo

dat ik het de laatste tijd toch weer helemaal heb voor leonardo dicaprio. en dat dat alweer van mijn tienerjaren geleden was, moet ik toegeven. niet alleen omdat hij de afgelopen jaren eindelijk zijn status als tieneridool danig ontgroeide en hij echt heel goeie films maakt, maar ook omdat hij mij hoe langer hoe meer overtuigt van zijn oprechte bedoelingen als environmentalist. ok, leo's twitter-account met eindeloze landschappen en andere natuurbeelden gaat al snel vervelen, maar ik ben intussen toch geneigd te geloven dat hij het goed meent met u, mij en de planeet waarop we wonen.


leo in de jaren '90; deze joepie-posterboy sierde de kamers van talloze tienermeisjes (incl. de mijne uiteraard) (bron)














ik volg de boekskes niet zo, maar onze romeo van weleer schijnt wel één van de early adopters van elektrische wagens te zijn en hij heeft intussen een eigen autoraceteam in de formula e-klasse om zo de verkoop van e-wagens te stimuleren. bovendien zou hij de eigenaar zijn van een ecologisch appartementsgebouw in new york, investeert hij in bedrijven die zich focussen op groene technologieën en regelt hij al 'ns een zonnepaneeltje voor de filmset. tenslotte maakt hij documentaires om het ecologische bewustzijn van het grote publiek aan te scherpen.

maar dicaprio is vooral de oprichter van de leonardo dicaprio foundation (ldf). kort na de release van titanic stampte de hollywoodster een milieuorganisatie uit de grond en die houdt zich nu al 18 (!) jaar bezig met verschillende fenomenen die onze planeet bedreigen. door middel van fondsenwerving en grote mediacampagnes ijvert ldf voor de bescherming van de biodiversiteit, het behoud van natuurlijke wildernissen en oceanen en wil ldf extra aandacht voor klimaatverandering. alleen al via social media bereikt de foundation vandaag meer dan 15 miljoen volgers.


groene ridder?

of dicaprio nu met een privé-jet of commerciële lijnvluchten de wereld rond vliegt, blijft onduidelijk. maar onze groene ridder blijkt wel degelijk eigenaar te zijn van vijf niet-zo-bescheiden optrekjes die 's mans ecologische voetafdruk ongetwijfeld flink de hoogte injagen. en bovendien heb ik sterke twijfels of de voormalige joepie-posterboy eraan denkt om kraantjeswater te drinken in plaats van flessenwater. of hij smeerkaas in een vlootje koopt in plaats van aparte partjes. of hij zijn boterhammetjes niet in een aluminiumfolietje meeneemt naar het werk. of hij vandaag kookt met de restjes van gisteren. maar ik troost me met het idee dat hij tenminste compenseert, of dat toch probeert te doen, en dat dat met zijn voorbeeldfunctie toch ook niet onbelangrijk is.

leo en zijn fisker karma, een elektrische wagen voor chauffeurs met sterrenstatus (bron)





and the oscar goes to...
and the oscar goes to...

na vijf nominaties kan leo nu eindelijk toch zijn eerste oscarbeeldje op de schouwmantel zetten. na de uitreiking en het obligate dankwoord greep hij de kans om een inspirerende toespraak te houden waarin hij hamerde op het gevaar van de klimaatverandering en waarin hij de ongelijkheid tussen de veroorzakers en slachtoffers ervan benadrukte. afgaande op mijn facebook-timeline van de afgelopen dagen heeft leo's pleidooi toch meer gevoelige snaren geraakt dan alleen de mijne - het blijft een overtuigend acteur natuurlijk. 

het was echter niet de eerste keer dat leo zo vurig speechte voor het milieu. al jarenlang schuimt hij conferenties, klimaattops en congressen af om er te spreken over de bedreigingen voor ons leefmilieu en erop aan te dringen dat wereldleiders onverwijld in actie zouden schieten. alleen zijn deze toespraken hoogstens een voetnoot in het journaal en gaan ze doorgaans toch aan het grote publiek voorbij. dat hij nu ook op de oscaruitreiking driftig pleitte voor ons milieu en tegen de klimaatverandering, heeft allicht een even grote impact op de publieke opinie als talloze conferenties en congressen samen.


beeldvorming

in mijn tienerjaren was leo één van mijn idolen en in het begin van de jaren '90 droomde ik allicht nog dat we wel 'ns zouden trouwen en mooie kindjes krijgen. vandaag ben ik wat dat betreft alweer een illusie armer en ben ik zelfs de naïviteit verloren om nog te geloven in een belangeloos doch grenzeloos engagement van hollywood- en popsterren voor een goed doel naar keuze. uiteraard staat dat ook gewoon mooi op het cv en in de bio van al deze sterren en het is nog maar de vraag of beleidsvoerders zich überhaupt iets aantrekken van wat de dicaprio's, de bono's of de jolie's van deze wereld hen aanwrijven. toch geloof ik dat ook de invloed van deze sterren op hun fanbase en het grote publiek een niet te onderschatten kracht is in de beeldvorming over verschillende maatschappelijke thema's. een niet onbelangrijk detail is bijvoorbeeld dat dicaprio op de oscaruitreiking sprak voor een natie en een publiek waarvan een groot deel de klimaatverandering blijft ontkennen. en dus daarom: way to go, leo, en merci voor de inspirerende woorden, i do not take them for granted. hartjes en bel me in verband met dat trouwen.


voor wie 'm nog niet zag, of 'm nog eens wil bekijken, leo's acceptance speech in woord en beeld:






11 februari 2016

als je droomt van een hospitalisatieverzekering

ik ben nogal een dromer. zo wil ik ooit eens een aantal maanden de wereldzeeën bevaren met een zeilyacht. of een tijdje in new york wonen en werken. om maar even twee dingen te noemen. jullie begrijpen dat het niet te vaak voorvalt dat ik zo'n droom ook effectief waarmaak.
alhoewel... ondertussen ben ik wel fulltime architectuurstudent, iets waarvan ik ook niet dacht dat het nog kon eens je de dertig gepasseerd bent en rekeningen te betalen hebt.

maar tegenwoordig droom ik meer van banaliteiten. dingen waarvan ik nooit dacht te dromen. opnieuw gaan werken. een hospitalisatieverzekering via de werkgever. maaltijdcheques.
ik ben één van de gelukzakken die kan rekenen op een uitkering gedurende mijn studies, en in combinatie met een bescheiden spaarpotje slaag ik er al een aantal jaren in om te overleven. toch is het elke maand rekenen en puzzelen, en af en toe ook boeten voor fouten van een vorige maand. ik had die nieuwe schoenen niet echt nodig, toch?

maar terwijl ik me naar een diploma ploeter, schieten er met de regelmaat van de klok allerlei vragen door m'n hoofd; of ik wel per se architect hoef te worden? inhoudelijk sluit de opleiding stedenbouw & ruimtelijke ordening toch veel meer aan bij mijn interesses? maar zal ik als architect later niet meer en originelere kansen krijgen op de arbeidsmarkt? en als architect kan ik later toch nog evolueren naar meer stedenbouwkundige thema's?

het is namelijk zo dat de masteropleiding stedenbouw & ruimtelijke ordening ook in avondschool gegeven wordt en de masteropleiding architectuur niet. lees: stedenbouw is de kortste weg naar de maaltijdcheques, een hospitalisatieverzekering, een beetje financiële stabiliteit en opnieuw aansluiting vinden bij de grote-mensen-wereld.

als mijn hoofd ontploft, wil iemand dan even opruimen na mij? dank.

8 februari 2016

advanced topics of architecture theory, een schrijfsel

ik volgde de afgelopen maanden het keuzevak advanced topics of architecture theory. in de lessen werd nagedacht, gefilosofeerd, gesproken, gediscussieerd, ... over alles wat van dichtbij en soms van veraf met ontwerpen en het concept spatial agency te maken had.

het was uiteindelijk een boeiende lessenreeks die afgesloten werd met een ietwat vage opdracht. liefde en hartjes voor vage opdrachten! die kneed je immers zoals je dat zelf wil. de bedoeling was dat we ons verdiepten in een reeks teksten die we zelf hadden verzameld en daar dan een korte, overkoepelende paper bij schreven die het één en ander aan elkaar linkte.

ik beschouw het resultaat dan wel als 'onaf' - er hadden nog uren en dagen extra research en interpretatie aan het schrijven moeten voorafgaan, maar je weet hoe dat gaat met deadlines... - maar het schrijfsel was toch al voldoende voor een goeie score. hoera!



From Jane Jacobs to the Occupy Movement 
About the role of architects, urban planners and citizens


The right to the city is far more than
the individual liberty to access urban resources:
it is a right to change ourselves by changing the city.

- David Harvey (2008) (1)



A few days ago the Chilean architect Alejandro Aravena was named as the 2016 Pritzker Price winner for his Incremental Housing projects in different Latin American cities. He won the award by only building a series of unfinished houses. What may appear to be an easy way to gain recognition, is in fact a piece of innovatory architecture.
Aravena wanted to address the global housing crisis, but for economic reasons there was no budget to build a proper house for every family. That’s when he and his team came up with the idea to “build everyone half a good house – and let them finish the rest themselves.” (2) Finally Aravenas team provided those specific parts of housing that were unaffordable for low-income people – concrete frames with walls, a roof and plumbing were build, and the rest was to be filled in by the inhabitants themselves.


"half a good house" on the left, finished by the inhabitants themselves on the right (source)


The Incremental Housing project is only one of the numerous examples where the power of architecture (and by extension urban planning) lies within the inhabitants of a project. It raises questions about the role of the architect and the urban planner as well as the role of citizens in this matter.
In het early 1960’s a certain Jane Jacobs stepped forward and with her book ‘The Death and Life of Great American Cities’ she pitched a new range of ideas about urban planning and about how to create vital and lively neighborhoods.
Jacobs was an American-Canadian author and city-activist whose opinions on American city planning turned out to be of great influence on future urban developments. She is unanimously praised for her detailed observations in the field, but her activist approach also made opponents stand up and reach for their pens.

Jacobs points out that the local scale of urban planning is of great importance to make a ‘good city’. The neighborhoods themselves and their communal life are the key to obtain lively and diverse places to live. As opposed to the urban planners who sit behind their desk to draw an imaginary city, she sees the citizens as the driving forces of urban evolutions. As appealing as it might seem to have this voice countering a technocratic approach, is it a legitimate one? According to Michael Sorkin it surely is.

Sorkin is a New York based architect, urbanist, author and critic. In his book ‘Twenty minutes in Manhattan’ he describes his daily walk from his apartment in Greenwich Village to his office in Tribeca. For more then 15 years he witnesses the transformations of the city on a local scale.
Today he and his studio co-workers take a special interest in creating highly sustainable cities and urban structures. In an interview with Dale Leorke from the University of Melbourne he refers to sustainable urban agriculture and self-organized living as a proof of the remaining legitimacy of Jacobs’ insights. Indeed, a countless amount of successful community oriented initiatives exist and appear to make urban life meaningful to people. Think of the numerous urban gardening projects in cities all over the world that bring neighbors together and intensify social contacts. Think of the ‘Leefstraat’ project in Ghent. Think of the Oudaan initiative in Antwerp.


Also the past ‘Lived-In’ exhibition at deSingel in Antwerp showed different cases of how citizens re-shaped the urban environment to meet their needs and desires. The exhibitions case studies went from Michel Ecochards Casablanca with the patio-houses that were re-designed by their inhabitants to Skjetten in Norway where people lived in base-units that where consciously implemented in the landscape and for which they received an Ikea-like manual with all possible (or rather: permitted) extensions of the base-units. But in spite of these physical adaptations, this is still not a coherent bottom-up movement of urban design by the citizens. A professional framework remains whose boundaries are set by the architect and/or the policy makers.


a picture showing the original 'open' design of écochards cité verticale
in casablanca and the actual adaptations by its inhabitants (source)


Maybe a study of the evolution from top-down and bottom-up planning approaches or a research of participative urban planning might clarify the complex relationship between professional experts, citizens and the physical urban environment. 
As Ioannis Pissourios of the Neapolis University in Cyprus explains (3), bottom-up approaches can only be used in specific cases of urban development. He states that there is no doubt about the need for a planning system that considers the local needs more studiously and allows greater citizen participation. But this bottom-up approach is only useful when it is limited to a smaller scale and used for spatial issues related to local interests and consequences only. The efficiency of bottom-up approaches is inversely proportional to the size of the community. Of course the existence of a bottom level or a yet existing community and also the need for a local lawmaking power are therefore two important conditions.
This explains why bottom-up approaches usually are known to be successful, but only to a certain scale. And therefore professional experts remain essential to urban planning.

In 2005 the architect and author Jeremy Till – together with Peter Blundell Jones and Doina Petrescu – wrote a book on participation in architecture. In the chapter ‘The Negotiation Of Hope’ (4) he examins types of participation according to the degree of involvement and he explains why it is still experienced as a threat to the profession by architects and urban planners. Nevertheless he points out that it can (and should) be a transformative process for all parties, the architect included. As he puts it: “participation is the space in which hope is negotiated. What is clear is that this hope refers not just to a better future for the users of the built environment, but also to a better future for architectural practice.”

The text also reveals a link between the citizens’ involvement and politics, and Till emphasizes “the impossibility of keeping politics out of the participative mix”. A radical meeting, or even an interference, of both parties is to be found in the recent Occupy Movements that stood up all over the world accusing banks and multinationals (representing the richest 1%) of financial greed and causing social and economical inequality for the oppressed and poorer 99%.
First of all, Till believes that architecture also has to learn from the occupation and its overall critique on the structures of power (5)
. Loyal to the 1%-99% argumentation he writes that in architecture the priorities and discourse of the one per cent also dominates the production of the remaining 99 per cent. But the role of the architect now has to serve greater social and humanitarian needs.
Moreover, a global movement like the occupation shows “what a truly public space feels like; public in the sense of shared, discussed, contested and in which actions play out contingently in front of our eyes as a set of social relations, rather than the false public of the controlled, mediated and over-represented spaces,” Till states.


He hereby connects to the idea of David Harveys ‘Right to the City' (6) who confirms that the right to the city incorporates “some kind of shaping power over the processes of urbanization, over the ways in which our cities are made and re-made”. Harvey establishes an ubiquitous relationship between a capitalist financial system and the urban development stating that the right to the city is now in the hands of a small political and economic elite who can design the city according to their own desires and beliefs. This argumentation justifies the existence of the Occupy Movement defending the rights of the 99% who live the daily (urban) reality. When in the 1960’s a certain Jane Jacobs points out that citizens themselves play a leading role in urban development, 21st century trends like the occupation tend to prove her right, eventhough its influences on a global scale are still to be awaited. 

__________


(1) Montgomery, C. (2013). Happy City. Transforming our lives through urban design. London: Penguin Books, p. 322

(2) Wainwright, O. (13 January 2016). Chilean architect Alejandro Aravena wins 2016 Pritzker prize. The Guardian,. Consulted on 20 January 2016, via http://www.theguardian.com/artanddesign/2016/jan/13/chilean-architect- alejandro-aravena-wins-2016-pritzker-prize?CMP=share_btn_link. 

(3) Pissourios, I. (2014). Top-down and bottom-up urban and regional planning: towards a framework for the use of planning standards. European Spational Research and Policy, vol. 21/1. Consulted on 25 January 2016, via https://www.academia.edu/5545681/Top-down_and_bottom- up_urban_and_regional_planning_towards_a_framework_for_the_use_of_planning_standards 

(4) Till, J. (2005). The Negotiation Of Hope. Consulted on 25 January 2016, via https://jeremytill.s3.amazonaws.com/uploads/post/attachment/19/2005_The_Negotiation_of_Hope.pdf

(5) Till, J. (2011). Occupational Hazards: Architectural Review. Consulted on 25 January 2016, via http://www.jeremytill.net/read/48/occupational-hazards-architectural-review

(6) Harvey, D. (2008) The Right to the City. Consulted on 26 January 2016, via http://davidharvey.org/media/righttothecity.pdf



BIBLIOGRAPHY 

KEY TEXTS

Jacobs, J. (2009). Dood en leven van grote Amerikaanse steden. Amsterdam: Sun Trancity. Sorkin, M. (2009). Twenty minutes in Manhattan. London: Reaktion Books Ltd.

Pissourios, I. (2014). Top-down and bottom-up urban and regional planning: towards a framework for the use of planning standards. European Spational Research and Policy, vol. 21/1. Consulted on 25 January 2016, via https://www.academia.edu/5545681/Top-down_and_bottom- up_urban_and_regional_planning_towards_a_framework_for_the_use_of_planning_standards

Till, J. (2005). The Negotiation Of Hope. Consulted on 25 January 2016, via https://jeremytill.s3.amazonaws.com/uploads/post/attachment/19/2005_The_Negotiation_of_Hope.pdf

Till, J. (2011). Occupational Hazards: Architectural Review. Consulted on 25 January 2016, via http://www.jeremytill.net/read/48/occupational-hazards-architectural-review

Harvey, D. (2008) The Right to the City. Consulted on 26 January 2016, via http://davidharvey.org/media/righttothecity.pdf


OTHER SOURCES: BOOKS AND MAGAZINES

Franke, S. & Hospers, G.-J. (red.). (2009). De levende stad. Over de hedendaagse betekenis van Jane Jacobs. Amsterdam: Sun Transcity.

Montgomery, C. (2013). Happy City. Transforming our lives through urban design. London: Penguin Books, p. 322

Leorke, D. (n.d). The Struggle to Reclaim the City: An Interview With Michael Sorkin. Space And Culture, 18(1), 98-105
Smith, C. et al. (2011). Design with the other 90%: cities. New York: Cooper-Hewitt, National Design Museum. p. 118-119


OTHER SOURCES: ONLINE SOURCES (written)

Wainwright, O. (13 January 2016). Chilean architect Alejandro Aravena wins 2016 Pritzker prize. The Guardian,. Consulted on 20 January 2016, via http://www.theguardian.com/artanddesign/2016/jan/13/chilean- architect-alejandro-aravena-wins-2016-pritzker-prize?CMP=share_btn_link.

Tomas, J. (2016). Alejandro Aravena wins 2016 Pritzker Price. Consulted on 26 January 2016, via http://www.archdaily.com/780203/alejandro-aravena-wins-2016-pritzker-prize


OTHER SOURCES: ONLINE SOURCES (audiovisual)

Muzzio, D. (Host) (13 June 2010). City Talk: Michael Sorkin, architect and author, “Twenty Minutes in New York.” Consulted 6 November 2015, via https://youtube.com/watch?v=n3Cl7PL6Oo 

16 november 2015

workshop #1 den oudaan als toren van de stad

te koop: den oudaan

den oudaan, ooit ontworpen als administratief centrum voor de stad, huisvestte decennialang de antwerpse politie. zo'n twee jaar geleden kreeg ik de opdracht om de architectuur van het gebouw te analyseren en ook de kans om het gebouw te bezoeken. ik was onder de indruk van het ontwerp van renaat braem, maar jammer genoeg ook geschokt door de aftakeling van de toren. het was toen al duidelijk dat de politiediensten binnen afzienbare tijd zouden moeten verhuizen naar een locatie die beter afgestemd is op hun werking en die wel voldoet aan de hedendaagse comfortnormen.
eerder dit jaar maakte het autonoom gemeentebedrijf voor vastgoedbeheer en stadsprojecten antwerpen (ag vespa) dan ook bekend dat de stad haar politietoren te koop stelt. minimumbod: 10,5 miljoen euro.


we kopen samen den oudaan

naar aanleiding van de verkoop lanceerden een aantal architecten, stedenbouwkundigen en een communicatiespecialist de actiegroep 'we kopen samen den oudaan'. ag vespa verkoopt immers 'onder gesloten omslag' en de groep vreest dat mogelijke investeerders de toren hierdoor te vrijblijvend kunnen ontwikkelen. 'we kopen samen den oudaan' pleit daarentegen voor een erg ambitieuze en genereuze invulling van de toren. ze denken aan tal van publieke en sociale functies en willen dat vooral de bovenste verdiepingen beschikbaar blijven voor de antwerpenaar. bovendien biedt de centrale ligging van de oudaan kansen om een breed publiek te bereiken en heeft de open ruimte aan de voet van de toren ook een bijzonder potentieel.

om een eventuele aankoop te realiseren, wil de actiegroep een coöperatie oprichten. op die manier kunnen ze een divers publiek aantrekken - zowel financierders, als gebruikers van de toren. bovendien zorgt de flexibiliteit van het coöperatieve model - zonder strikt eigenaarschap - ervoor dat het programma van de oudaan doorheen de tijd aangepast kan worden, naargelang de vraag op dat moment. tenslotte richt de coöperatie zich vooral op haar ambities, eerder dan op een hoog rendement. zo wordt de toren geen exclusieve plek voor de bemiddelde antwerpenaar, maar zal werkelijk iedereen toegang krijgen tot dit unieke stukje erfgoed.


workshop #1

belangrijker nog dan een eventuele aankoop, is de denkoefening die 'we kopen samen den oudaan' wil maken over het potentieel en de ontwikkeling van de politietoren. om een zo groot mogelijk draagvlak te creëren voor de 'nieuwe' oudaan, gaat de groep uitdrukkelijk de dialoog aan met de inwoners van de stad en de stedelijke actoren. daarom organiseren ze verschillende workshops om samen alvast zoveel mogelijk ideeën te bundelen en uit te werken.

op 5 december (mijn verjaardag, noteer alvast) organiseert de groep zijn eerste workshop 'den oudaan als toren van de stad' om via een ontwerpend onderzoek het potentieel van de toren te bekijken en de mogelijkheden ervan te definiëren. ze nodigen niet alleen architecten, stedenbouwkundigen, sociologen,... uit, maar iedereen die wil meedenken over de toekomst van de oudaan kan deelnemen. meer informatie vind je op het facebookevenement van de workshop #1. ik reserveerde alvast mijn plekje want inschrijven voor de workshop is verplicht.

hopelijk tot dan!

© we kopen samen den oudaan

4 november 2015

antwerpse zoo 2.0

een oom die jarenlang in de antwerpse zoo werkte en gidste, dat heeft zo zijn voordelen. want ik ben zot van de zoo - maar dat wisten jullie al (lees hier en hier) - en ik was dan ook erg enthousiast toen ik afgelopen zomer een rondje zoo-architectuur van hem getrakteerd kreeg. de licht-antwerpse tongval waarmee hij het unieke erfgoed beschreef en de anekdotes vertelde, maakte mijn persoonlijke rondleiding in den hof des te smakelijker.


zoo 2.0

hij toonde mij niet alleen de historische gebouwen, maar ik kreeg ook een voorsmaakje van de grootse plannen van de zoo toen ik al eens achter de werfhekken van het nieuwe mensapengebouw mocht gluren; een indrukwekkende bouwput die tegen de zomer van volgend jaar een gloednieuw verblijf wordt met twee buiteneilanden waar de bezoekers tussen de dieren kunnen wandelen.

ook de ingang van de zoo krijgt een grondige facelift. de toegangscontrole wordt dieper in de tuin geplaatst; je kan dan tot bij de flamingo's wandelen en genieten van het groene kader van de dierentuin zonder dat je een ticket hoeft te kopen.
het restaurant wordt in zijn oorspronkelijke neo-lodewijk-xvi-stijl hersteld en zal geïntegreerd worden in het nieuwe brilberenverblijf en het nieuwe inkomgebouw. tenslotte wordt ook de moorse tempel van de okapi's gerenoveerd en uitgebreid met een serreverblijf zodat de kleine broertjes van de giraf ook op koude dagen 'buiten' kunnen.

een welkomstplein met het gerenoveerde restaurant en het nieuwe mensapenverblijf zijn de eyecatchers van de vernieuwde zoo (bron)


maar wist je ook dat ...

°° de ketsstraat in antwerpen vernoemd werd naar de eerste directeur van de zoo?
de zoo was een initiatief van de burgemeester en een aantal burgers die de zoölogische en botanische wetenschappen wilden ondersteunen. kets stemde toe om directeur van de dierentuin te worden op voorwaarde dat hij er zijn privécollectie opgezette dieren en zijn bibliotheek mocht onderbrengen.

°° de antwerpse dierentuin in 1843 voor het eerst zijn deuren opende?
hij lag toen buiten de stad en was 1 hectare groot. vandaag heeft de zoo een oppervlakte van 11 hectaren en heeft de stad zich rondom de dierentuin ontwikkeld. daardoor is de zoo nu een uniek stukje natuur in het centrum van de stad geworden.

°° de kameeldrijver van josué dupon ruim 4,5 meter hoog is, 3 ton weegt en maar liefst 21 meter boven de ingang geplaatst werd?
om tijdens het ontwerpproces de perspectiefwerking op deze hoogte beter te begrijpen, plaatste dupon een groot schaalmodel op zijn eigen woning in berchem.

de kameeldrijver van josué dupon werd in 1900 op het administratiegebouw aan de ingang van de zoo geplaatst. op
het koningin astridplein in de achtergrond zijn de werken voor de bouw van het centraal station nog aan de gang. (1) 

°° de ingang van de zoo oorspronkelijk een klein steegje in de carnotstraat was?
pas toen het houten ooststation vervangen werd door een centraal station in een monumentale neo-barokstijl besloot de antwerpse dierentuin om ook een indrukwekkende inkom aan het koningin astridplein te bouwen. bijna de hele oostelijke zijde van het plein maakt deel uit van het zoo-patrimonium en is uitgewerkt in een ecclectische stijl met duidelijke art nouveau-invloeden.
tijdens de planning en de bouw van het nieuwe station en de inkom ontstond er een haat-liefde-verhouding tussen de zoo en de reusachtige spoorwegtempel. enerzijds beperkt het station de uitbreidingsmogelijkheden voor de zoo, maar anderzijds zorgt het station wel voor een optimale bereikbaarheid van de dierentuin. bovendien is het station ook in den hof zelf voelbaar aanwezig en dat zorgt dan weer voor een unieke sfeer van groen en stedelijkheid in één beeld.

bijna de hele oostelijke zijde van het koningin astridplein, van de oude ingang van de feestzalen uiterst links tot
het administratiegebouw met de kameeldrijver uiterst rechts, maakt deel uit van de inkompartij van de zoo. (2)

°° de zoo sinds dit jaar het grootste rifaquarium van europa heeft?
het is de bekroning van de renovatie van het aquarium-gebouw uit 1911. de bouw van het rif heeft 2 jaar geduurd en vooral de plaatsing van het speciale, gebogen raam van het aquarium was een ware stunt. het is immers 4 bij 8 meter en 13 centimeter dik, en geen enkele deur was groot genoeg om het raam naar binnen te brengen. daarom werd een deel van de buitenmuur in de ploegstraat opengebroken en kon het raam uiteindelijk geplaatst worden.

°° je huwelijken of bedrijfsevents in de verlatzaal, de marmeren zaal of de wintertuin van de zoo kan laten doorgaan? ik verwacht alleszins een uitnodiging!



(1) Vercruysse R. (ed.) (1986). Openbaar Kunstbezit in de Zoo. Openbaar Kunstbezit in Vlaanderen, 24(2).
(2) Vissers P. (ed.) (1988). Langs Vlaamse Wegen - de Antwerpse Zoo.